Tuesday, April 19, 2016
pacifistische ingenieurs


Het was een nogal krachteloze aftrap van Juliano Pinto. De bal rolde zachtjes naar voren en bleef anderhalve meter verder weer liggen. Toch was die start van het wereldkampioenschap voetbal op 12 juni 2014 een indrukwekkend bewijs van waartoe de technologie in staat was: de half verlamde Pinto kon normaal niet eens zijn grote teen bewegen. Tijdens zijn optreden staken zijn benen in een exoskelet dat hij aanstuurde met zijn brein. Elektroden vingen de hersengolven op die een computer vervolgens vertaalde naar een beweging van het skelet.

Dezelfde technologie is te gebruiken om wat dan ook in beweging te brengen: een cursor, een drone, of, ik noem maar wat, een bommenwerper. De Royal Society, een wetenschappelijke denktank van de Britse overheid, zette in 2012 allerlei militaire toepassingen van neurologisch onderzoek eens op een rijtje. Telekinetisch bommenwerpen was maar één van de vele militaire toepassingen van allerlei technologieën die de uitvinders ervan vast niet voor ogen hadden. Dat is het lot van de uitvinder: je bedenkt een manier om tunnels te graven (dynamiet) en voor je het weet gooien ze dorpen plat met je vinding.

Je kunt hier je schouders over ophalen. Is het de verantwoordelijkheid van de wetenschapper dat voor allerlei innovaties ook een gewelddadige toepassing te bedenken valt? Bij de afdeling robotica in Delft, ontdekte ik onlangs, bestaan hierover zeer principiële ideeën. Toen ik een artikel over oorlogstechnologieën schreef, wilde niemand me binnen deze context te woord staan. Zelfs de associatie van hun kennis met militaire toepassingen wilden ze niet op hun geweten hebben.
Jammer voor mij, maar ik kon me er wat bij voorstellen.   

Afgelopen zomer riepen astrofysicus Stephen Hawking, Tesla-oprichter Elon Musk en duizenden andere experts op het gebied van kunstmatige intelligentie op tot een verbod op autonome wapens. Dat techneuten zelf op de rem trappen om te voorkomen dat een technologie voor de verkeerde dingen wordt aangewend, is vrij uniek en zou dus alarmbellen moeten doen rinkelen. Toch was de Nederlandse Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) niet onder de indruk. Zo’n vaart zou het allemaal niet lopen, oordeelde de raad, waarna de Tweede Kamer het advies kreeg om de ontwikkeling van autonome vechtrobots voorlopig maar niet te verbieden.


Je hoeft geen expert te zijn op het gebied van kunstmatige intelligentie om te snappen dat die vaart allang is ingezet. Het is mooi als ingenieurs hun geweten laten spreken, maar nog fijner zou het zijn als juristen en politici daar een voorbeeld aan zouden nemen.  

In: TUNieuws, december 2015

Read more
De afvalrace



Vergeleken met veel andere Europese landen is Nederland een brave afvalscheider en zelfs een ster in composteren. Toch valt er nog behoorlijk wat te verbeteren als het gaat om het recyclen van huishoudelijk afval. Wat gebeurt er nou eigenlijk precies met al ons afzonderlijk weggemikte vuil? KIJK vlooide het uit.

Daar sta je dan, besluiteloos, met een druipend theezakje in je hand. In het keukenkastje staan vier afvalbakken: een voor oud papier, een voor groente-, fruit- en tuinafval, een voor plastic en een voor restafval. Het zakje zelf mag bij het gft, maar hoe zat het nou met dat papieren label, chloorgebleekt en met inkt bedrukt? Voor de zekerheid trek je het ding eraf en mikt het in de papierbak. Daarna peuter je het nietje (metaal!) los uit het doorweekte zakje – dat direct kapot scheurt. En terwijl je de theedrek van de grond veegt, mopper je hardop: waarom doe ik dit in vredesnaam? Wat levert al dat gevlooi nou eigenlijk op aan milieuwinst? Wat gebeurt er met die stinkende gft-bakken, dat glas, die bergen plastic en al dat andere afval vanaf het moment dat je het na veel wikken en wegen hebt weggeflikkerd?
Welkom in de wondere wereld van de afvalverwerking. Een gebied waarover veel instanties trots roepen dat Nederland erin voorop loopt, omdat we nog maar één procent van ons huisafval storten op de vuilnisbelt. In de rest van Europa is dat wel anders: in 17 van de 30 landen eindigt meer dan de helft van het huisvuil op een groeiende berg afval. Mede omdat daarvoor in Nederland veel te weinig ruimte is, verbranden en composteren we dat het een lieve lust is. En geen materiaal te gek, of we recyclen het wel.
Dat is althans de indruk die je als ijverige afvalscheider krijgt van informatiewebsites van gemeenten, Milieucentraal.nl en van de grote vuilverwerkingsbedrijven. Maar hoe goed doet Nederland het nu echt?

Rotzooi 'exporteren'
In Europa staan we op de vierde plaats voor wat betreft het scheiden van ons afval. Toch behoren we op het gebied van recyclen tot de middenmoot: ongeveer 25 procent van al het materiaal dat we weggooien, wordt als grondstof hergebruikt voor nieuwe producten. Ter vergelijking: in Duitsland is dat 46 procent. Composteren valt volgens deze cijfers niet onder recyclen, wat meteen de reden is waarom we beter scoren als afvalscheiders, dan als recyclers.  
Dat een kwart van alle materialen wordt hergebruikt, wil nog niet altijd zeggen dat dit op een milieuvriendelijke manier gebeurt.

Lees de rest van dit artikel in KIJK, december 2015
Read more
Jan Soldaat wordt Robogeek




Loopt de soldaat van de toekomst rond in een exoskelet, schiet hij vliegtuigen neer met zijn brein, of wordt hij gewoon vervangen door een humanoid? Zeker is in elk geval, dat robotica een steeds belangrijkere rol gaat spelen op het slagveld.

Net wanneer we de dood in de ogen kijken, dendert hij de bunker binnen. Staal breekt door betonnen muren heen, rookwolken en vuur omringen zijn brandende helikopter. Onder het vel van zijn gezicht, half weggereten, is het titanium mechaniek van zijn kop te zien. Met een rood lampje waar ooit zijn linkeroog zat, kijkt de held ons koelbloedig aan. “I’m back”, zegt hij in Oostenrijks accent.
Wie zoekt naar informatie over ‘de soldaat van de toekomst’ op internet, stuit onvermijdelijk op verwijzingen naar The Terminator. Een kille vechtmachine met het uiterlijk van een mens spreekt nou eenmaal tot de verbeelding van veel techliefhebbers. Ruimt Jan Soldaat inderdaad binnenkort het veld voor autonome humanoids? Of wordt hij zelf gepimpt tot onverslaanbare vechtjas? Hier zetten we wat technische ontwikkelingen rondom onze militaire strijdkrachten op een rijtje.

Stuntelig gehannes
Een blik op de hoogtepunten van de Robotic Challenge 2015 stelt de Terminator-fans misschien een tikje teleur. Deze wedstrijd wordt al jarenlang georganiseerd door DARPA (Defense Advanced Research Project Agency), het Amerikaanse instituut dat geld pompt in de ontwikkeling van militaire technologie. De winnaar van het afgelopen jaar in de categorie Humanoids, de DRC-Hubo, is in staat om allerhande klusjes uit te voeren met zijn drievingerige handen: auto rijden, zagen, een brandkraan sluiten, een stekker in het stopcontact steken. Ongelooflijk knap, alleen kost het stuntelige gehannes met de stekker alleen al ruim vijf minuten: niet echt de behendigheid die je verwacht van een held in zijn gevechtshelikopter. Bovendien fluisteren zijn makers hem nog altijd op afstand in wat hij moet doen.
Volgens Arend Woering, onderzoeker militaire modernisering bij TNO Soesterberg, is de fijne motoriek van de android niet eens het grootste probleem. “Het wegjagen van tegenstanders met bommen, dat kan met onbemande wapens. Dat geldt niet voor het behouden en controleren van dat gebied met manschappen, zeker als het een stedelijk gebied is. Daarvoor moeten soldaten communiceren met de lokale bevolking, ze moeten vertrouwen winnen om meer informatie los te krijgen dan sensordata. Er moeten nog veel stappen worden gezet, voordat een robot dat kan doen. Autonome humanoids zullen dus niet snel deel gaan uitmaken van een peloton.”
Dat wil niet zeggen dat autonome gevechtsrobots de grondtroepen nooit zullen vergezellen. Het is mogelijk dat ze stapsgewijs het strijdveld veroveren en eerst kleine, afgebakende opdrachten uitvoeren die een mens op afstand geeft. Zoals er vele stappen zitten tussen het volledig autonome voertuig en de auto van nu, zo geldt dat ook voor de humanoid.

Draagbots en exoskeletten
Hoe dan ook zijn de meeste insiders er wel van overtuigd dat robotica in het leger de komende jaren een vlucht gaat nemen.

Lees verder in KIJK, januari 2016
Read more
Sunday, October 25, 2015
Geloof, hoop en wetenschap



Renata was smoorverliefd op haar geliefde, ook al hield hij er talloze andere vrouwen op na. Zijn autoriteit maakte hem onversmadelijk. “Kijk”, zei ze opgewekt, “als ik het allemaal even niet meer weet, sla ik de bijbel open op een willekeurige plek en lees wat er staat. Dat is dan zijn antwoord op mijn vraag.”

Renata was een non, verloofd met de Zoon van God. Tijdens mijn afstudeerproject in een Pools klooster, midden jaren negentig, trok ik een halfjaar met haar op. Ondanks haar liefdevolle pogingen mij te bekeren, verliet ik het klooster zoals ik gekomen was: zo ongelovig als wat. Ik werd wetenschapsjournalist en baseerde mijn hoop en geloof liever op ‘peer reviewed’ artikelen, dan op eeuwenoude psalmen.

Nu heeft de wetenschap ook niet alle antwoorden paraat, zeker niet als het gaat om menselijk gedrag. De negentiende eeuwse filosoof Wilhelm Dilthey sprak daarom over het verschil tussen ‘Verstehen’ (begrijpen) en Erklären (verklaren). Omdat mensen zich nou eenmaal niet wetmatig gedragen, mogen geesteswetenschappers al blij zijn als ze de mens een beetje begrijpen - wat dat dan ook inhoudt. Goed, psychologen proberen hun proefpersonen wel eens met kwantitatieve laboratoriumexperimenten wetenschappelijk vast te pinnen, maar hun conclusies blijken in 65 procent van de gevallen gebaseerd op drijfzand.

Nee, dan de techniek! Al jaren schrijf ik daar liever over dan over mijn eigen vakgebied. Niets is immers zo voorspelbaar als een voorgeprogrammeerde robot, of een milieuvriendelijke zonneauto. Niet dat techneuten zich nooit laten verrassen door ontploffende rakketten of eigenzinnig trillende deeltjes, maar ze weten in elk geval dat een redelijke verklaring altijd voor handen is. Ook wie houdt van optimistische vergezichten moet bij de technische wetenschappen zijn. Geen probleem te groot, of er is wel een montere techneut die een oplossing in elkaar denkt te kunnen sleutelen. 

Klimaatverandering? We verhogen wat dijken, tappen water uit elektriciteitscentrales en maken zout water zoet. Energietekorten? De kernfusiereactor is bijna klaar. Overbevolking? Mars is dichterbij dan je denkt. Natuurlijk moeten we ook gedragsaspecten niet uit het oog verliezen, maar ja, nou, dus.


Toch bekruipt me de laatste weken het ongemakkelijke gevoel, dat op sommige problemen geen enkel vakgebied een sluitend antwoord heeft. Dat onze geschiedenis uiteindelijk geschreven wordt door grillige politici die grenzen sluiten en crisisberaad voeren - wat de wetenschap er ook van vindt. Soms denk ik terug aan Renata. Zij zou gewoon haar bijbel openslaan en misschien wel uitkomen bij de passage over geloof, hoop en liefde. Was ik maar een Poolse non.

In: UTNieuws, oktober 2015
Read more
Friday, October 23, 2015
De gepimpte botten van Mona Lisa


In een klooster in Florence zouden de botten zijn gevonden van Lisa Gherardini, de koopmansvrouw die volgens velen model heeft gestaan voor de Mona Lisa van Leonardo da Vinci. De vondst komt de stad goed uit.


“De wetenschap heeft het niet weerlegd.” Langzaam en zorgvuldig spreekt Giorgio Gruppioni op 24 september deze woorden uit, terwijl zes cameraploegen uit binnen- en buitenland zich om hem verdringen. Achter hen liggen eeuwenoude graftombes die de afgelopen jaren zijn opengebroken. Gruppioni leidde het moleculaire onderzoek naar de skeletten die hier zijn gevonden. Zijn conclusie: één set beenderen zou afkomstig kunnen zijn van Lisa Gherardini, de koopmansvrouw die wellicht model heeft gestaan voor de Mona Lisa. Hier, in het Florentijnse klooster van Sint Ursula, werd ze in 1542 begraven. Weerlegd heeft hij het niet, maar volledige zekerheid omtrent de identiteit van de botten kan de wetenschapper evenmin geven.
Gruppioni’s zorgvuldigheid is begrijpelijk: het onderzoek zorgde de afgelopen jaren voor hooggespannen verwachtingen van internationale media, maar ook voor de nodige kritiek van kunsthistorici. De initiatiefnemer, Silvano Vinceti, roept al sinds 2008 dat hij het mysterie zal ontrafelen van La Gioconda, zoals Italianen de Mona Lisa noemen. Hij haalde de wereldpers met de ontdekking van ‘een geheime boodschap’ van Leonardo da Vinci in de vorm van nauwelijks zichtbare letters in haar ogen en op de brug. Ook zou de schilder de neus van zijn leerling Gian Giacomo Caprotti hebben geschilderd, volgens sommigen de minnaar van Da Vinci. Vinceti’s claims zorgden voor stevige kritiek van verschillende kunstkenners, die er altijd op wijzen dat Vinceti zelf geen kunsthistoricus is.
Dat klopt: Vinceti is een journalist die tien jaar geleden op eigen houtje het ‘Nationale Comité voor de Ontwikkeling van Historisch en Cultureel Erfgoed’ oprichtte. Met grondig speurwerk tracht hij de hiaten te vullen in de levensverhalen van grootheden uit de Italiaanse geschiedenis. Daarbij laat hij zich helpen door erkende wetenschappers. Beroemd werd hij, toen hij in 2010 de begraafplaats van Caravaggio ontdekte in het Toscaanse dorpje Porto Ercole. DNA-analyse en koolstofdatering bevestigden toen zijn claims.
Ook dit keer hoopte Vinceti dat moderne technologieën zijn conclusies extra geloofwaardig zouden maken. Hij had zelfs een reconstructie van Gherardini’s gezicht beloofd, gebaseerd op DNA-analyse van haar botten en de vorm van haar schedel.
Die belofte kan hij niet waarmaken, blijkt op de dag van de persconferentie. Op een scherm worden de botten geprojecteerd die in theorie afkomstig kunnen zijn van Lisa Gherardini: een dijbeen, een knieschijf, wat teenkootjes en stukken ruggewervel. De schedel ontbreekt. Door de slechte staat van het materiaal is DNA-extractie onmogelijk en koolstofdatering levert slechts een zeer grove schatting op van de overlijdensdatum, namelijk tussen 1440 en 1640. Lisa Gherardini is bepaald niet de enige die in deze periode onder de kloostergrond verdween.
Vinceti, die naast Gruppioni in de verduisterde kloosterkapel zit, is niettemin dolenthousiast. Met veel gezwaai van armen neemt hij het woord over. “Dankzij de historische data die we hebben gevonden, is vrijwel zeker dat de botten inderdaad afkomstig zijn van Lisa Gherardini. Het onderzoek is dus wel degelijk een groot succes.”

Lees hier de rest van het verhaal, gepubliceerd op 2 oktober 2015 in NRC-Handelsblad.
Read more
Tuesday, September 29, 2015
Botten van 'Mona Lisa' misschien gevonden


Botfragmenten, opgegraven in een Italiaans klooster, behoren waarschijnlijk toe aan Lisa Gherardini. Dat is de vrouw die volgens sommigen model stond voor Leonardo da Vinci’s Mona Lisa. De beloofde reconstructie van haar gezicht blijft echter uit.

Dat maakte de Italiaanse historicus en journalist Silvano Vinceti donderdag bekend. Vinceti tracht al sinds 2006 het ‘mysterie van Mona Lisa’ te ontrafelen met behulp van archeologisch, antropologisch en historisch onderzoek. 

Louvre
Lisa Gherardini, gestorven in 1542, was de echtgenote van de Florentijnse koopman Francesco di Gioconda. Hij zou Da Vinci in 1503 de opdracht hebben gegeven tot het schilderen van het inmiddels wereldberoemde portret dat hangt in het Louvre in Parijs.

Al lange tijd bestond het vermoeden dat Gherardini was begraven in het Sint Ursulaklooster in Florence. Om dit vermoeden te staven, liet Vinceti de graftombes in de kloosterkapel openbreken en de ouderdom van de skeletten bepalen met behulp van koolstofdatering. DNA-onderzoek aan de botfragmenten, die op grond van hun ouderdom aan Gherardini zouden kunnen toebehoren, bleek echter onmogelijk door de slechte staat van de botten. Dat maakt het wetenschappelijke bewijs voor hun herkomst minder sterk. 

Ook het veel besproken plan om het gezicht van Gherardini te reconstrueren gaat, mede door het ontbreken van een schedel, niet door. Niettemin claimt Vinceti, op grond van historische documenten, dat de botfragmenten ‘vrijwel zeker’ toebehoren aan de Florentijnse koopmansvrouw.

Verschenen op vrijdag 25 september in NRC-Handelsblad

Op zaterdag 3 oktober verschijnt in NRC-Handelsblad mijn reportage over de belangen die bij het onderzoek een rol speelden.

Read more